GAW2014_THUMB06 december 2013 | Van alle kinderen in ontwikkelingslanden die geen toegang hebben tot onderwijs, vormen kinderen met een handicap de grootste groep. Waar ze wel de kans krijgen om onderwijs te volgen, is dat vaak op aparte scholen, waardoor ze nog meer geïsoleerd komen te staan van hun eigen gemeenschap. Gaan kinderen met een handicap naar een gewone school, dan is de kans dat ze voortijdig stoppen twee keer zo groot dan voor andere kinderen. Daarom vraagt de Global Campaign for Education in 2014 speciale aandacht voor het recht op passend onderwijs van kinderen met een handicap.

GCE-rapport

Passend onderwijs voor kinderen met een handicap is het thema van de ‘Global Action Week 2014’ de jaarlijkse actieweek waarin door GCE-afdelingen in de hele wereld campagne wordt gevoerd voor het recht op onderwijs. De campagne werd op 3 december gelanceerd met de publicatie van het rapport ‘Equal right, equal opportunity: inclusive education for children with disabilities’, dat GCE samen met Handicap International uitbracht. Het rapport beschrijft de problematische onderwijssituatie van kinderen met een handicap in ontwikkelingslanden en doet voorstellen en beleidsaanbevelingen voor mogelijke oplossingen.

Nog geen 3%

Volgens het GCE-rapport is in veel lage- en middeninkomenlanden de kans dat kinderen met een handicap niet naar school gaan 50 tot 75 procent hoger dan voor andere kinderen. Ook de schooluitval van kinderen met een handicap is veel groter dan die voor kinderen zonder handicap. Voor meisjes geldt dat nog meer dan voor jongens. Onder de kinderen die geen toegang hebben tot onderwijs, vormen kinderen met een handicap vaak de grootste groep. Zo is in Nepal 85 procent van de kinderen die niet naar school gaan gehandicapt. In een land als Ethiopië gaat nog geen 3 procent van de kinderen met een handicap naar school.

Vooroordelen

Scholen en leslokalen in ontwikkelingslanden zijn vaak niet toegankelijk voor gehandicapte kinderen. Ook is het lesmateriaal niet aangepast aan hun speciale behoeften, en ontbreekt het de leerkrachten aan speciale leermiddelen en extra training om deze kinderen goed te kunnen onderwijzen. Een minstens zo belangrijke oorzaak van het gebrek aan passend onderwijs vormen de vaak diepgewortelde vooroordelen over kinderen met een handicap. In veel landen worden gehandicapten ernstig gediscrimineerd; ze worden niet als gelijkwaardig beschouwd.

Veel mensen zien niet het belang in van onderwijs voor gehandicapte kinderen. Anderen die dat wel inzien, menen vaak dat deze kinderen het beste af zijn op speciale scholen. Maar dat vergroot vaak het isolement waarin de kinderen door hun handicap toch al verkeren.

Armste van de armen

Het is van groot belang dat dit probleem zo snel mogelijk wordt aangepakt. Ontkenning van het recht op onderwijs berooft kinderen met een handicap niet alleen van het recht op individuele ontwikkeling en ontplooiing, maar ook van hun kansen op werk, een inkomen en op volwaardige deelname aan de maatschappij. Dat geldt des te meer in ontwikkelingslanden, waar onderwijs een van de weinig kansen biedt om te ontsnappen aan armoede. Het is geen toeval dat mensen met een handicap in ontwikkelingslanden meestal tot de armste van de armen behoren.

Kinderen met een handicap toegang bieden tot onderwijs is ook dringend noodzakelijk om de Education for All-doelen en de Millenniumdoelen voor onderwijs te realiseren, die in 2015 behaald moeten zijn.

Inclusief onderwijs

Volgens het VN-Verdrag voor de Rechten van Mensen met een Handicap (UN-CRPD) is ‘inclusief onderwijs’ de sleutel om het recht op onderwijs voor gehandicapte kinderen te realiseren. ‘Inclusief onderwijs’ houdt in dat alle kinderen gezamenlijk onderwijs volgen op gewone scholen in hun wijk of gemeenschap, ongeacht hun mogelijkheden of beperkingen. Wel dienen de onderwijsmethoden, het lesmateriaal en schoolomgeving voldoende te zijn aangepast aan de behoeften van alle kinderen. Inclusief onderwijs wordt gezien als een voorwaarde om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren en om het recht op onderwijs van alle kinderen te kunnen garanderen – niet alleen voor kinderen met een handicap, maar ook kinderen uit andere achtergestelde groepen.

Gebrek aan geld

Hoewel 133 landen het VN-Verdrag hebben geratificeerd, gebeurt er in de praktijk nog veel te weinig om de rechten van mensen met een handicap daadwerkelijk te realiseren. Slechts enkele landen hebben de noodzakelijke nationale wetgeving, het beleid en de plannen om passend onderwijs voor kinderen met een handicap te realiseren. Maar al te vaak wordt het beleid niet of slecht uitgevoerd. In ontwikkelingslanden is er vaak ook simpelweg gebrek aan geld om betere voorzieningen voor kinderen met een handicap te realiseren.

Oproep

De Global Campaign for Education roept overheden in ontwikkelinglanden dan ook op om meer ambitie en daadkracht te tonen om kinderen met een handicap passend onderwijs te bieden. Donorlanden en internationale instellingen kunnen bijdragen aan een oplossing door ervoor te zorgen dat aandacht en specifieke voorzieningen voor kinderen met een handicap geïntegreerd worden in alle programma’s voor ontwikkelingssamenwerking.

→ Lees meer over de campagne en het rapport ‘Equal right, equal opportunity’