Onderwijs en ontwikkelingssamenwerking
Nederland heeft internationaal altijd een vooraanstaande rol gespeeld binnen ontwikkelingssamenwerking (OS). Zo heeft Nederland zich altijd ruim gehouden aan de algemeen erkende norm van de OESO (Organisation for Economic Co-operation and Development) om tenminste 0,7% van het Bruto Nationaal Product aan dit doel te besteden. Nederland's inzet voor ontwikkeling, zowel via hulp als via beleid, wordt internationaal gewaardeerd.
Onderwijs is bijna tien jaar lang een zeer belangrijk thema geweest in het OS-beleid. In 2001 werd de 'motie Hessing' aangenomen in de Tweede Kamer. Daarin werd vastgelegd dat jaarlijks 15% van het budget voor OS zou moeten worden besteed aan onderwijs. Onderwijs werd erkend als een basisvoorwaarde voor duurzame armoedevermindering. Nederland heeft ook andere rijke landen gestimuleerd om te investeren in onderwijshulp. Nederland heeft zo een belangrijke bijdrage geleverd aan het feit dat er sinds het jaar 2000 ruim 40 miljoen kinderen meer naar school konden gaan.
Nederlands beleid
Budget
Onder de vorige minister voor OS, Bert Koenders, werd voor het eerst getorn aan het principe om 15% van het budget te reserveren voor onderwijs. Dat leidde echter nog niet tot grote bezuinigingen, omdat onderwijs wel een van de prioriteiten bleef. De regering Rutte zette echter fors het mes in het totale budget voor OS. De hulp wordt gaandeweg teruggebracht van 0,8% van het BNP naar de minimale 0,7% OESO-norm. Op het thema onderwijs wordt ruim 25% bezuinigd: van de oorspronkelijk begrote 707 miljoen naar 446 miljoen. De komende jaren zal het bedrag nog verder worden teruggebracht.
Beleid
In het nieuwe beleid voor OS behoort onderwijs niet meer tot de belangrijkste thema's. De Staatssecretaris voor OS, Ben Knapen, presenteerde zijn beleid in maart 2011. Uitgangspunt is dat de Nederlandse belangen meer voorop dienen te staan bij OS en dat er scherpere keuzes moeten worden gemaakt naar thema's en landen.
Het nieuwe OS-beleid richt zich op de volgende vier prioritaire thema's:
- veiligheid en rechtsorde
- water
- voedselzekerheid
- seksuele en reproductieve gezondheid en rechten
Partners in onderwijshulp
Bilaterale hulp
Geld en diensten die de Nederlandse overheid verstrekt aan de overheid van een ander land, wordt 'bilaterale hulp' genoemd. Totaal maakt dit 30% uit van het budget voor OS voor 2011. In 2010 steunde Nederland nog onderwijs in 18 partnerlanden; voor 2014 zullen daar nog maar 5 landen van over blijven. De onderwijsprogramma's zullen zo worden omgevormd, dat ze ondersteunend zijn aan de nieuwe thema's.
Mulitlaterale hulp
Nederland steunt ook internationale instellingen die ontwikkelingsgeld beheren, zoals de Europese Unie, de Wereldbank en de Verenigde Naties. 24% van het OS-budget wordt verdeeld via deze multilaterale kanalen.
Een van de belangsrijkste partners op het gebied van onderwijshulp is het Global Partnership for Education (voorheen EFA-Fast Track Initiative). Nederland was een van de mede-oprichters en veruit de belangrijkste financier. Voor 2011 heeft Nederland besloten de bijdrage meer dan te halveren: van 70 naar 30 miljoen.
Niet-gouvernementele organisaties
Bijna een kwart van het OS-budget, 23%, wordt besteed via maatschappelijke organisaties, de niet-gouvernmentele organisaties (NGO's), zoals Oxfam Novib, ICCO, HIVOS en Edukans. Eens per vier jaar worden de subsidies voor de NGO's verdeeld via het Mede-Financierings Stelsel. De criteria voor de ronde van 2010 (MFS-II) waren al vastgelegd voor het nieuwe OS-beleid intrad, maar ook op dit budget is bezuinigd. De nieuwe situatie leidt er bovendien toe dat NGO's hun aandacht verleggen naar de prioritaire thema's en dat er minder aandacht en menskracht is voor onderwijsprogramma's.
Overige kanalen
De resterende 23% van het OS-budget wordt op andere manieren verstrekt, bijvoorbeeld via bedrijven en exportkredieten.
Particulier initiatief
Naast de overheidskanalen houden zich zo'n 10.000 initiatieven van particulieren zich bezig met OS-projecten. De meeste PI's steunen op de inzet van vrijwilligers en krijgen financiële middelen door donaties en giften.
Meer informatie
Links
- Het Ministerie van Buitenlandse Zaken
- Partos, de brancheorganisatie van de NGO's
- PartIn, de brancheorganisatie van het PI
Downloads
