Protest uit ontwikkelingslanden tegen korten van Nederlandse onderwijshulp
Protest uit ontwikkelingslanden tegen korten van Nederlandse onderwijshulp
Internationaal heerst grote bezorgdheid over de mogelijk forse bezuinigingen op de Nederlandse steun voor onderwijs in ontwikkelinglanden van het nieuwe kabinet. Onderwijsbonden, ontwikkelingsorganisaties en meer dan 1600 individuele supporters van ‘Onderwijs voor Iedereen’ uit Afrika en Azië dringen er bij het Nederlandse parlement op aan zich te verzetten tegen de bezuinigingen. Maandag buigt de Tweede Kamer zich over de voorstellen van staatssecretaris Knapen.
De Global Campaign for Education (GCE), een wereldwijd netwerk van onderwijsbonden en nationale ontwikkelingsorganisaties, heeft zo’n 1600 protest mails gestuurd naar de Nederlandse regering tegen de radicale koerswijziging. De GCE vreest dat de forse vermindering van de Nederlandse steun ingrijpende gevolgen zal hebben voor onderwijsprogramma’s in een groot aantal landen. Ook is de GCE bang voor een domino-effect als de kampioen van de ontwikkelingsdoelstelling ‘Onderwijs voor iedereen’ het juist nú laat afweten.
Ghana
GCE-coalities uit ontwikkelingslanden dringen er bij de Nederlandse regering op aan de steun aan onderwijs te blijven voortzetten. De Ghanese GCE-coalitie, een netwerk van meer dan 200 onderwijsbonden en nationale ontwikkelingorganisaties, roemt de Nederlandse betrokkenheid bij het onderwijs in Ghana. Genoemd wordt onder meer het Nationale Schoolmaaltijd Programma, dat de toegang tot onderwijs heeft verbeterd. Lof voor het Nederlandse onderwijsbeleid klinkt ook door in de brief van de Campaign for Popular Education (CAMPE) in Bangladesh, dat meer dan duizend onderwijsorganisaties en –bonden, onderzoekers en mensenrechtenactivisten vertegenwoordigt. CAMPE schrijft echter ook bang te zijn dat vermindering van de Nederlandse steun voor onderwijs in ontwikkelingslanden, nadelige consequenties zal hebben basisonderwijs en ‘tweede kans-onderwijs’ in Bangladesh.
30 miljoen leerkrachten
Ook de Education International, dat 30 miljoen leerkrachten vertegenwoordigt, heeft een vlammend protest gericht aan het Nederlandse kabinet en parlement. De internationale onderwijskoepel wordt daarin gesteund door de Global Call to Action Against Poverty.
Ook Nederlandse supporters van onderwijs in ontwikkelingslanden lieten van zich horen. Edukans, een van de leden van Nederlandse Global Campaign for Education-coalitie, startte een actie onder het motto: ‘Zonder onderwijs geen ontwikkeling!’ In nog geen week tijd, zonder publicitaire ondersteuning, tekenden 4000 mensen de petitie.
Voornemens Knapen
Staatssecretaris Ben Knapen wil in 2011 tenminste 160 miljoen euro bezuinigingen op onderwijs, een korting van ruim 25 procent. De afgelopen tien jaar heeft Nederland internationaal een voortrekkersrol gespeeld bij het realiseren van de ontwikkelingsdoelstelling ‘Onderwijs voor iedereen’. In 2010 gaan er wereldwijd 40 miljoen kinderen meer naar school dan in 2000. Nederland heeft een belangrijk aandeel gehad in dat succes.
Met nagenoeg Kamerbrede steun hebben opeenvolgende regeringen zich sinds 2002 gecommiteerd om tenminste 15 procent van het ontwikkelingsbudget te besteden aan ‘basic education’ (o.m. basisonderwijs, beroepstraining en alfabetisering). Daardoor heeft Nederland een enorme inhoudelijke expertise en ervaring opgebouwd, die internationaal wordt erkend en gewaardeerd. De forse Nederlandse steun voor onderwijs heeft ook veel andere donoren over de streep getrokken, onder meer door financiering via het zogenaamde Fast Track Initiative (FTI).
Het FTI, waarvan Nederland mede-oprichter is, is een gezamenlijk fonds van westerse donoren, waar ontwikkelingslanden met goed doortimmerde plannen voor verbetering van hun onderwijssysteem, kunnen aankloppen voor financiering. De FTI heeft tot nu onderwijsprogramma’s in 43 landen gefinancierd, waarvan 26 in Afrikaanse landen ten zuiden van de Sahara. Hier steeg de onderwijsdeelname tussen 2002 en 2008 met 50 procent, vergeleken met slechts 27 procent in niet door de FTI-gesteunde Sub-Saharalanden. Wereldwijd werden in die zes jaar met steun van de FTI onder meer 300.000 nieuwe leerkrachten aangetrokken, 30.000 nieuwe klaslokalen gebouwd en 200 miljoen lesboeken gedrukt. Belangrijke voorwaarde voor FTI-steun is dat regeringen van ontwikkelingslanden ook het nationale budget voor onderwijs blijvend verhogen.
Staatssecretaris Knapen wil in 2011 de Nederlandse bijdrage aan het Fast Track Initiative verlagen van 70 naar 30 miljoen euro. Het Nederlandse voornemen om de steun aan onderwijs in ontwikkelinglanden versneld af te bouwen, komt op een moment dat wereldwijd minder geld beschikbaar is voor ‘basic education’ als gevolg van de economische crisis. Zowel de budgetten van westerse donoren als van nationale overheden staan onder druk. Ook het FTI kampt momenteel met een tekort aan geld om alle goedgekeurde onderwijsplannen van ontwikkelingslanden te financieren.
Archief > 2012 > mei
- 16 mei 2012 - Aankondiging Impulsis Onderwijsdag 29 mei
- 15 mei 2012 - GCE-NL bepleit aandacht voor onderwijs in verkiezingsprogramma's




- 15 mei 2012 - Onderzoeksrapport over campagnes GCE-coalities
- 01 mei 2012 - 200 Million children under 5 years old denied the right to care and education